Kinderzitjes

Frontairbag passagierszijde moet UIT zijn

Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Als het in uw land is toegestaan om een kind op de passagiersstoel voorin te laten plaatsnemen, plaats dan nooit een kind op de passagiersstoel voorin als de frontairbag aan passagierszijde is ingeschakeld. Controleer altijd of deze airbag UIT is (zie Indicator van airbagstatus).

Raadpleeg het volgende label dat op de zonnekleppen is aangebracht:

Airbag-waarschuwingssticker op de zonneklep met 1) een kinderzitje afgebeeld op de voorstoel met een rode cirkel met schuine streep 2) een geactiveerde airbag met een tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje en een kind 3) een hand die naar een open boek wijst met een ‘I’

Als een kind op de passagiersstoel voorin is geplaatst moet de frontairbag aan passagierszijde uitschakelen (zelfs als het kind in een geschikt kinderzitje of op een zitverhoger is geplaatst). Tesla raadt sterk aan de airbagschakelaar in de stand UIT te zetten voordat u een kinderzitje op de voorpassagiersstoel plaatst. Bij een aanrijding kan de geactiveerde airbag ernstig of zelfs dodelijk letsel veroorzaken, met name wanneer een tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje wordt gebruikt.

De frontairbag aan passagierszijde in-/uitschakelen

Om de frontairbag aan passagierszijde uit te schakelen, tikt u op Bediening > Veiligheid > Frontairbag passagierszijde (zie De frontairbag aan passagierszijde bedienen).

Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Als u de frontairbag aan passagierszijde uitschakelt, vergeet deze dan niet weer in te schakelen wanneer een volwassene op de passagiersstoel voorin plaatsneemt.

De status van de frontairbag aan passagierszijde wordt in de bovenhoek van het touchscreen aangegeven. U kunt ook op het volgende statuspictogram tikken om de frontairbag aan passagierszijde uit of in te schakelen:

Pictogram van passagier met airbag en tekst: Airbag passagier UIT
Als een kind op de passagiersstoel voorin zit, controleer dan altijd voordat u gaat rijden of de frontairbag aan passagierszijde UIT is.
Pictogram van kind in kinderzitje met cirkel met schuine streep en tekst: Airbag passagier aan
Om een volwassene die vervolgens plaatsneemt op de passagiersstoel voorin te beschermen, moet de frontairbag aan passagierszijde weer worden ingeschakeld.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Als een kind plaatsneemt op de voorpassagiersstoel, is het de verantwoordelijkheid van de bestuurder om te controleren of de frontairbag aan passagierszijde is uitgeschakeld.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Als de frontairbag aan passagierszijde AAN is ondanks dat u deze hebt uitgeschakeld (of vice versa), neem dan onmiddellijk contact op met Tesla.

Geschiktheid en plaatsen van kinderzitjes

Alle veiligheidsgordels van de Model 3 zijn bedoeld voor volwassenen. Bij het vervoeren van kinderen moet u het volgende doen:

Aanbevolen kinderzitjes op basis van gewicht

Tesla levert aanbevolen kinderzitjes op basis van de gewichtsklasse van het kind (zoals beschreven in ECE R44 "Uniforme bepalingen met betrekking tot kinderzitjes"). Hoewel kinderen van elke gewichtsklasse op elke zitplaats in de Model 3 kunnen zitten, kan het te gebruiken type kinderzitje per zitplaats verschillen. Op de zitplaats midden achterin mogen bijvoorbeeld alleen kinderzitjes met gordelbevestiging worden gebruikt.

Postuur* Gewichtsklasse** Gewicht kind Aanbevolen door Tesla
- Klasse 0+ Tot 13 kg (12 - 18 maanden) Maxi-Cosi CabrioFix & Familyfix 3, Cabriofix i-Size Base
45-105 cm - - Maxi-Cosi Pearl 360 met Familyfix 360
100-150 cm - - Britax Römer KIDFIX I-Size
- Klasse III (zitverhoger) 22 tot 36 kg Peg Perego Viaggio 2-3 Shuttle voet
* volgens fabrieksopgave R129 CRS ** volgens R44 CRS

Grotere kinderen

Gebruik een geschikte zitverhoging als een kind te groot is voor een kinderzitje maar nog niet groot genoeg om de veiligheidsgordel goed te kunnen gebruiken. Als kinderen een zitverhoger nodig hebben, raadt Tesla het gebruik van de voet van de Peg Perego Viaggio 2-3 Shuttle aan. Volg exact de instructies van de fabrikant voor het plaatsen en het gebruik van een zitverhoger.

Twee plaatsingsmethoden

Informational PurposesAn informational icon, calling your attention
Opmerking
Om een kinderzitje te plaatsen, dient u altijd zorgvuldig de instructies van de fabrikant van het kinderzitje te lezen en te volgen.

Hoewel er vele andere varianten zijn, zijn er in het algemeen twee soorten kinderzitjes, gebaseerd op de manier waarop zij op de stoel worden bevestigd:

Sommige kinderzitjes kunnen op beide manieren bevestigd worden. Raadpleeg de instructies van de fabrikant van het kinderzitje om te bepalen welke plaatsingsmethode u moet gebruiken en voor aanwijzingen voor het plaatsen.

In de Model 3 kunnen systemen met gordelbevestiging op elke passagiersstoel worden geplaatst. ISOFIX/i-Size systemen kunnen op de buitenste zitplaatsen achterin worden geplaatst. Hieronder leest u welk type kinderzitje op welke zitplaats kan worden gebruikt.

Informational PurposesAn informational icon, calling your attention
Opmerking
ISOFIX en i-Size zijn internationale normen voor geïntegreerde verankeringen in passagiersvoertuigen voor de bevestiging van kinderzitjes.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Gebruik geen ISOFIX/i-Size verankeringen met een kinderzitje of zitverhogers die zijn voorzien van een integrale veiligheidsgordel als het totale gewicht van het kind en het kinderzitje hoger is dan 33 kg.

Passagiersstoel voorin

Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Laat nooit een kind op de voorpassagiersstoel zitten wanneer de frontairbag aan passagierszijde actief is. Dit kan tot ernstig of zelfs dodelijk letsel leiden. Zie Airbags.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Om een kinderzitje met gordelbevestiging op de voorstoel te kunnen plaatsen, moet u de stoel in de middelhoge stand (ca. 3 cm) zetten.
10 afbeeldingen van de voorpassagiersstoel. 1) Groen vinkje met ‘Airbag passagier UIT’, 2) Tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje met blauwe naar achteren en naar boven wijzende pijlen. De volgende 4 afbeeldingen bevatten groene vinkjes 3) in de rijrichting geplaatst kinderzitje, 4) tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje, 5) zitverhoger, 6) tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje met steunpoot en de volgende 4 afbeeldingen over gebruik van ISOFIX verankeringspunten bevatten rode diagonale kruizen: 7) in de rijrichting, bijschriften A, B, B1, 8) tegen de rijrichting in, maten C, D, E, 9) in de rijrichting met steunpoot, 10) tegen de rijrichting in met steunpoot

Als de frontairbag aan passagierszijde is uitgeschakeld en de hoogte van de zitting in de middelste stand is gezet, mogen kinderen op de voorstoel worden geplaatst als een van de volgende soorten kinderzitjes met gordelbevestiging wordt gebruikt:

  • In de rijrichting geplaatst, universeel.
  • Tegen de rijrichting in geplaatst, universeel.
Informational PurposesAn informational icon, calling your attention
Opmerking
De passagiersstoel voorin is niet uitgerust met de onderste verankeringspunten voor ISOFIX/​i-Size kinderzitjes.
Gewichtsklasse Gewicht kind Frontairbag passagierszijde AAN Frontairbag passagierszijde UIT
Klasse 0 Tot 10 kg Niet toegestaan Toegestaan
Klasse 0+ Tot 13 kg Niet toegestaan Toegestaan
Klasse I 9 tot 18 kg Niet toegestaan Toegestaan
Klasse II 15 tot 25 kg Niet toegestaan Toegestaan
Klasse III 22 tot 36 kg Niet toegestaan Toegestaan

Achterstoelen

10 afbeeldingen van buitenste zitplaatsen achterin. 1) Groene vinkjes buitenste zitplaatsen met blauwe pijlen wijzend naar ISOFIX-vergrendelingen en blauwe pijl wijzend naar riemlocatie, 2) Tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje en naar voren en boven wijzende pijlen op de voorstoel. De volgende 8 afbeeldingen bevatten groene vinkjes 3) in de rijrichting geplaatst kinderzitje, 4) tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje, 5) zitverhoger, 6) in de rijrichting geplaatst kinderzitje met steunpoot en gebruik van ISOFIX verankeringspunten , 7) tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje met steunpoot en gebruik van ISOFIX verankeringspunten , 8) close-up van steunpoot , 9) in de rijrichting geplaatst kinderzitje met gebruik van ISOFIX verankeringspunten en bijschriften A, B, B1, 10) tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje met gebruik van ISOFIX verankeringspunten en bijschriften C, D, E

Kinderen mogen op een buitenste zitplaats achterin worden geplaatst in een kinderzitje met gordelbevestiging of in een ISOFIX (IU)/i-Size (i-U) kinderzitje.

Informational PurposesAn informational icon, calling your attention
Opmerking
Op de zitplaatsen achterin wordt het gebruik van bovenste bevestigingsriemen ondersteund (zie Bovenste riemen bevestigen).

Grotere kinderen mogen ook op een buitenste zitplaats achterin op een zitverhoger worden geplaatst, bevestigd aan de onderste verankeringspunten of met de gordel, volgens de instructies van de fabrikant van het kinderzitje.

De buitenste zitplaatsen achterin zijn geschikt voor het gebruik van de volgende ISOFIX/i-Size-lengteklassen:

  • Lengteklasse A, B, en B1 in de rijrichting geplaatst.
  • Lengteklasse C, D en E tegen de rijrichting in geplaatst.
Informational PurposesAn informational icon, calling your attention
Opmerking
Om ruimte te maken voor grotere tegen de rijrichting in geplaatste ISOFIX/i-Size-kinderzitjes (lengteklasse C), dient u mogelijk de betreffende voorstoel tot halverwege naar voren te zetten (tot maximaal 13 cm vóór de achterste stand), omhoog te zetten (2 cm ten opzichte van de laagste stand) en de rugleuning te verstellen.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Gebruik Makkelijk instappen(zoals beschreven in Bestuurdersprofielen) niet om de bestuurdersstoel automatisch volledig naar achteren te verplaatsen, wanneer een kinderzitje is aangebracht op de zitplaats achterin achter de bestuurdersstoel. Vanwege de beperkte ruimte, kan het verplaatsen van de stoel de benen van een kind raken, letsel veroorzaken of het zitje loswrikken.

Kinderen mogen op de middelste zitplaats achterin worden geplaatst met een tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje met gordelbevestiging. Kinderen mogen op de middelste zitplaats achterin worden geplaatst met een tegen de rijrichting in geplaatst of een in de rijrichting geplaatst kinderzitje.

Informational PurposesAn informational icon, calling your attention
Opmerking
De middelste zitplaats achterin is uitgerust met onderste verankeringspunten voor ISOFIX/i-Size kinderzitjes.

Grotere kinderen mogen ook op een middelste zitplaats achterin op een zitverhoger worden geplaatst, volgens de instructies van de fabrikant van het kinderzitje.

Plaatsen van kinderzitjes met gordelbevestiging

Volg altijd de gedetailleerde aanwijzingen van de fabrikant van het kinderzitje. Volg deze algemene richtlijnen voor kinderzitjes met gordelbevestiging:

  • Controleer of het kinderzitje geschikt is voor het gewicht, de lengte en de leeftijd van het kind.
  • Zorg dat het kind niet te dikke kleding draagt.
  • Leg geen voorwerpen tussen het kind en het kinderzitje.
  • Verstel vóór aanvang van iedere rit de riemen van het kinderzitje voor ieder kind.
  1. Plaats het kinderzitje op de geschikte zitplaats en trek de veiligheidsgordel volledig uit. Plaats en bevestig het kinderzitje volgens de instructies van de fabrikant van het kinderzitje.
    Een kinderzitje dat met de autogordel in een passagiersstoel is vastgemaakt.
  2. Laat de gordel strak oprollen, zorg dat er geen speling overblijft door het zitje bij het oprollen van de gordel stevig in de stoel van de auto te drukken.
  3. Bevestig de bovenste bevestigingsriem(en) volgens de instructies van de fabrikant van het kinderzitje (zie Bovenste riemen bevestigen).

ISOFIX/i-Size kinderzitjes plaatsen

De buitenste zitplaatsen achterin van de Model 3 zijn uitgerust met ISOFIX/i-Size verankeringspunten. Deze verankeringspunten bevinden zich tussen de zitting en de rugleuning. De exacte locatie van elk verankeringspunt wordt aangegeven met een markering (hieronder afgebeeld) op de rugleuning, direct boven het betreffende verankeringspunt.

Het ISOFIX-pictogram en de pijlen die de locatie van de ISOFIX-vergrendelingen aangeven.

Plaats op de tweede zitrij LATCH/ISOFIX-kinderzitjes alleen op de buitenste zitplaatsen. Gebruik in het midden alleen een zitje dat met de veiligheidsgordel bevestigd moet worden.

Twee groene vinkjes op de buitenste zitplaatsen op de tweede zitrij en een rode X op de middelste stoel

Om een ISOFIX/i-Size-kinderzitje te plaatsen, dient u zorgvuldig de instructies van de fabrikant van het kinderzitje te lezen en te volgen. In deze instructies wordt beschreven hoe u het kinderzitje op de verankeringspunten schuift totdat het zitje hoorbaar vastklikt. Mogelijk moet u het kinderzitje stevig tegen de rugleuning drukken om het goed te bevestigen.

Een kinderzitje dat op zijn plaats schuift met een tekstballon met een uitroepteken erin, wijzend naar de verankeringspunten

Voordat u een kind in het kinderzitje zet, dient u te controleren of het kinderzitje stevig is bevestigd. Pak de voorkant van het kinderzitje aan weerszijden vast en probeer:

  • Het kinderzitje heen en weer te draaien.
  • Het kinderzitje van de stoel te trekken.

Als het kinderzitje draait of van de stoel beweegt, zijn beide vergrendelingen niet volledig in de verankeringspunten van de stoel bevestigd. Plaats het zitje dan opnieuw en probeer het nog eens. Het is essentieel dat beide vergrendelingen op het kinderzitje volledig zijn bevestigd.

Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Gebruik geen ISOFIX/i-Size verankeringen met een kinderzitje of zitverhogers die zijn voorzien van een integrale veiligheidsgordel als het totale gewicht van het kind en het kinderzitje hoger is dan 33 kg.

Steunpoot

Alle zitplaatsen achterin van de Model 3 ondersteunen het gebruik van een kinderzitje met een steunpoot. Als het kinderzitje is uitgerust met een steunpoot, trek de steunpoot dan uit volgens de instructies van de fabrikant van het kinderzitje.

Steunpoot voor kinderzitje met pijl die omlaag en van de stoel af wijst

Bovenste riemen bevestigen

De zitplaatsen achterin van de Model 3 ondersteunen het gebruik van bovenste riemen. Als volgens de instructies van de fabrikant van het kinderzitje een bovenste riem moet worden bevestigd, bevestig dan de haak van de riem aan het verankeringspunt achter de betreffende zitplaats.

Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Zet de bovenste bevestigingsriemen vast volgens de aanwijzingen van de fabrikant van het kinderzitje.
Informational PurposesAn informational icon, calling your attention
Opmerking
De hoofdsteunen achterin bewegen niet.

De verankeringspunten voor riemen bevinden zich op de hoedenplank achter de zitplaatsen achterin.

De locatie van verankeringspunten achter de achterbank

Druk op de achterkant van de afdekking van het ankerpunt om toegang te krijgen tot het ankerpunt.

1) Afdekking ankerpunt 2) Afdekking ankerpunt wordt ingedrukt 3) Riem haakt in ankerpunt

Bij dubbele bevestigingsriemen dient er aan weerszijden van de hoofdsteun een riem te worden aangebracht.

Riemen aan weerszijden van de hoofdsteun

Bij enkele bevestigingsriemen bij de buitenste zitplaatsen brengt u de riem aan over de buitenste zijde van de hoofdsteun (dezelfde kant als het oprolmechanisme van de veiligheidsgordel).

Riem die over buitenkant van de hoofdsteun loopt

Technische informatie

ECE 16-07 Bijlage 17, Aanhangsel 3, Tabel 1

Stoelpositienummer (zie onder)

1 en 3
Airbag pass UIT

1 en 3
Airbag pass AAN

4 5 6
Toegestane gewichtsklassen 0, 0+, I, II, III n.v.t. 0, 0+, I, II, III 0, 0+, I, II, III 0, 0+, I, II, III
Geschikt voor universele gordelbevestiging? Ja (Opmerking 1) Nee Ja Ja Ja
Geschikt voor i-Size? Nee Nee Ja Nee Ja
Geschikt voor lengterichting (L1/L2)? Nee Nee Nee Nee Nee
Grootste geschikte tegen de rijrichting in geplaatst ISOFIX/i-Size-zitje (R1/R2X/R2/R3). Nee Nee R3 (Opmerking 2) Nee R3 (Opmerking 2)
Grootste geschikte in de rijrichting geplaatst ISOFIX/i-Size-zitje (F1/F2X/F2/F3). Nee Nee F3 Nee F3
Grootste geschikte zitverhoger (B2/B3). B2 Nee B3 B3 B3
Geschikt voor steunpoot Ja Nee Ja Ja Ja

Opmerking 1: Om een kinderzitje met gordelbevestiging op de voorstoel te plaatsen, moet u de stoel in de middelhoge stand (ca. 3 cm) (ca. 3 cm) en naar achteren zetten om ruimte te creëren tussen het kinderzitje en het dasboard.
Opmerking 2: Om ruimte te maken voor grotere ISOFIX/i-Size-kinderzitjes (lengteklasse C), dient u mogelijk de betreffende voorstoel tot halverwege naar voren te zetten (tot maximaal 13 cm vóór de achterste stand), omhoog te zetten (3 cm boven de laagste stand) en de rugleuning in de 15-gradenstand te zetten (of 10 graden naar achteren ten opzichte van de voorste stand).
Opmerking 3: De gespen voor veiligheidsgordels voor volwassenen bevinden zich op geen enkele zitplaats in lengterichting tussen ISOFIX/i-Size-verankeringspunten.

Overzicht van stoelpositienummers

Stoelpositie Locatie in auto
1 Linksvoor (alleen auto's met stuur rechts)
2 Middenvoor - niet van toepassing op Model 3
3 Rechtsvoor (alleen auto's met stuur links)
4 Links achterin
5 Middelste zitplaats achterin
6 Rechts achterin

Waarschuwingen m.b.t. kinderzitjes

Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Plaats nooit een kind in een kinderzitje of op een zitverhoging op de passagiersstoel als de frontairbag aan passagierszijde is ingeschakeld. Dit kan tot ernstig of zelfs dodelijk letsel leiden.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Gebruik nooit een tegen de rijrichting in geplaatst kinderzitje op een stoel die wordt beschermd door een actieve frontairbag aan passagierszijde. Dit kan tot ernstig of zelfs dodelijk letsel leiden. Raadpleeg het waarschuwingslabel op de zonneklep.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Sommige kinderzitjes zijn zo ontworpen dat zij op de autostoel worden bevestigd door middel van een heupgordel of door middel van het heupgedeelte van een driepuntsgordel. Bij een botsing lopen kinderen gevaar als het kinderzitje niet goed in de auto is vastgezet.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
De gordelwaarschuwing op het touchscreen is niet voldoende; u moet zelf controleren of een kinderzitje correct is bevestigd. De stoelbezettingssensoren detecteren mogelijk geen kinderzitjes.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Gebruik geen in de rijrichting geplaatst kinderzitje totdat uw kind meer dan 9 kg weegt en zelfstandig kan zitten. Tot de leeftijd van twee jaar zijn de ruggengraat en nek van kinderen niet voldoende ontwikkeld om letsel te vermijden bij een frontale botsing.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Laat baby's en kinderen nooit op schoot van een volwassene meerijden. Kinderen moeten altijd vervoerd worden in een goedgekeurd en geschikt kinderzitje.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Volg de aanwijzingen in deze handleiding en de aanwijzingen van de fabrikant van het kinderzitje om er zeker van te zijn dat kinderen veilig vervoerd worden.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Kinderen moeten worden vervoerd in een tegen de rijrichting in geplaatst. kinderzitje waarbij zo lang mogelijk de 5-puntsgordel wordt gebruikt totdat het kind de maximale lengte of het maximale gewicht van het tegen de rijrichting in geplaatste kinderzitje bereikt.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Zorg er bij het vervoer van grotere kinderen voor dat het hoofd wordt ondersteund en dat de veiligheidsgordels goed zijn afgesteld en bevestigd. Het schoudergedeelte van de gordel mag niet tegen het gezicht of de nek komen en het heupgedeelte mag niet op de buik rusten.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Maak nooit twee kinderzitjes vast aan één verankeringspunt. Eén verankeringspunt is mogelijk niet sterk genoeg om bij een zware aanrijding twee zitjes vast te houden.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Verankeringspunten van kinderzitjes zijn alleen bestand tegen krachten die correct geplaatste kinderzitjes er op kunnen uitoefenen. Ze mogen in geen geval worden gebruikt voor veiligheidsgordels van volwassenen of andere veiligheidsriemen, of voor het bevestigen van items of uitrusting aan de auto.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Controleer de gordels en de bevestigingsriemen altijd op slijtage en beschadiging.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Laat een kind nooit alleen achter, ook niet als het kind in het zitje vastzit.
Warning IconA warning icon, calling your attention to a possibly risky situation
Attentie
Gebruik nooit een kinderzitje dat eerder aan een aanrijding is blootgesteld. Voer het zitje dan af en laat het vervangen conform de aanwijzingen van de fabrikant van het kinderzitje.